Vof Varkensvermeerderingsbedrijf An de Leiding

Vof Varkensvermeerderingsbedrijf An de leiding, eigendom van Dick en Martha Wermink, is een modern fokzeugenbedrijf, waar jaarlijks veel biggen worden geboren. De biggen worden gehouden tot een gewicht van 25 kg. Dan worden ze met eigen transport afgeleverd naar de vleesvarkensbedrijven. Het team dat hierbij de zorg voor de dieren en alle andere werkzaamheden uitvoert, is aangevuld met enkele personen met een beperking. Werken en zorg worden zo gecombineerd. De stallen zijn uitgerust met de modernste technieken op gebied van milieu en welzijn voor mens en dier. Op een andere locatie worden de moederdieren in eigen beheer grootgebracht. Eenmaal groot genoeg worden ze bij de fokzeugen gevoegd.

Actieve deelname in de samenleving bij allerlei activiteiten staat hoog in het vaandel.

Koppels gezonde uniforme biggen, je wordt er blij van.

Fokzeug

Een fokzeug is een moedervarken dat zorgt voor het voortbrengen van de biggen. Zij moet goede moedereigenschappen hebben, zoals voldoende melk, zorgzaam zijn voor de biggen, rustig blijven terwijl de biggen melk bij haar drinken en voldoende spenen hebben. Sinds een paar jaar worden uit de beste zeugen biggen aangehouden om uit te groeien tot een moedervarken dat in de toekomst weer voor de beste biggen gaat zorgen. Er wordt hierbij naar allerlei eigenschappen gekeken. Erg belangrijk is ook de kwaliteit van het beenwerk, voldoende spenen en het type varken. Signalen van de vleesvarkenshouder en die van de slachterij die het vlees moet verkopen aan de supermarkt worden hierbij serieus genomen.

Het fokken van varkens vraagt een lange termijn visie! Wat b.v. zijn de trends in onze belangrijke afzetmarkten voor vlees in b.v. Nederland, Duitsland en Engeland. Tussen het moment van keuze van het resultaat zit al snel een paar jaar!
Daarbij is het ene varken het andere niet.  Een eerste tussentijds moment van beoordeling  van het resultaat is er na krap een jaar na inseminatie.

De Duitse consument wil graag een flink stuk vlees, ham van hoge kwaliteit. De laatste jaren is het Deense
varken hiervoor het best geschikt. Sinds een jaar of vijf is Fokzeugenbedrijf An de leiding hier dan ook naar overgestapt. De Engelse consument eet graag lekkere bacon. Nog steeds is ontbijt met spek van de buiken aangevuld met eieren bij hun favoriet.

 

Doordat de slachterijen het vlees verkopen aan de steeds groter wordende supermarkten bepalen zij in steeds grotere mate de fokkerij richting.
Kleur, smaak en vetsamenstelling en dierenwelzijn zijn aspecten die consumenten steeds belangrijker vinden bij het kopen van vlees. Fokkerijbedrijven en vleesvarkenshouders zullen daar dus rekening mee moeten houden.

Gezondheidszorg

Door een goede preventieve gezondheidszorg en door uitgebalanceerde voeding met voldoende eiwitten en mineralen zorgen we dat de zeug in optimale gezondheid blijft. Tevens krijgt ze bij elke cyclus een aantal entingen die er voor zorgen dat ze via de biest antistoffen meegeven aan de biggen. Als ze een aantal dagen voor het werpen in de kraamstal komen worden ze lekker even gewassen.

Vier maanden na de kunstmatige inseminatie worden de biggen geboren. Dit gebeurt in een kraamstal waar de temperatuur 26° C is. Het klimaat in de stallen wordt met behulp van computers gereguleerd. In de kraamstal is ook een lamp die warmte afgeeft waaronder de biggen zich warm kunnen houden.
In de kraamstal werken continue enkele mensen van het team.om b.v. te zorgen dat zoveel mogelijk biggen direct biest van de moeder krijgen.
De nageboorte (placenta) moet worden verwijderd en de mest achter de zeug gaat dagelijks naar de mesthoop. Heel soms heeft een zeug koorts, is ze even van slag, dan moet ze worden behandeld en is er extra aandacht voor de biggen nodig. Goed observeren en tijdig ingrijpen kan de nadelige gevolgen beperken.
De zeugen blijven rond 4 weken in de kraamstal, hierna gaan ze naar de dekstal.

Om het onbesuisde liggen (gaan) van de zeug op de biggen te voorkomen is een valbeugel geplaatst.

Kunstmatige inseminatie

Om een zeug voor te bereiden op de kunstmatige inseminatie mag een “zoekbeer” bij haar op bezoek. Een medewerker van het varkensbedrijf verzorgt de kunstmatige inseminatie. Aan het gedrag van de zeug, zoals het wapperen met de oren (om de aandacht van de zoekbeer en de boer te trekken), door een bepaalde manier van staan en een vaginale verkleuring kan de medewerker zien of de zeug berig (klaar om geïnsemineerd te worden) is.
Het sperma is afkomstig van een beer die eigenschappen heeft die de markt op dat moment vraagt, zoals bijvoorbeeld een langgerekt varken (sparerib) of een varken
met een sterk achterstel (voor de ham). Tijdens het insemineren worden ze even vastgezet en alle gegevens worden genoteerd. Na een 15-tal weken in de dek/wachtstal is de cyclus rond en gaat ze weer naar de kraamstal. In deze ruimten kunnen ze zelf kiezen of ze vrij rond willen lopen of dat ze in een box gaan liggen.

Dragende zeugenstal

In de dragende zeugenstal worden de dragende zeugen gescand op drachtigheid. Ze worden dan even vastgezet. Als blijkt dat ze niet drachtig is, wordt ze naar de dekstal teruggeplaatst. In de nazomermaanden zijn de percentages van de zogenaamde terugkomers het hoogst. Dat heeft ook met de natuurlijke verharings cyclus te maken. Vier maanden na de kunstmatige inseminatie worden de biggen geboren. Dit gebeurt in een kraamstal waar de temperatuur 26° C is. Het klimaat in de stallen wordt met behulp van computers gereguleerd. In de kraamstal is ook een lamp die warmte afgeeft waaronder de biggen zich warm kunnen houden.

Een zeug krijgt gemiddeld 10 tot 15 biggen. Het aantal biggen dat de zeug krijgt, is afhankelijk van het rantsoen, het tijdstip van insemineren en de individuele rust. De eerste 28 dagen blijven de biggen bij de zeug.
Eén van onze medewerkers ontsmet de navels van de biggen. Ook zorgt hij voor de inenting van de biggen om ziektes te voorkomen.

Controle biggen.

Elke dag controleert de verzorger de moeder en haar biggen om de kraamtijd zo voorspoedig mogelijk te laten verlopen.

Wanneer de biggen bij de moeder liggen, krijgen ze na 10 dagen brokken bijgevoerd. Spelenderwijs snuffelen ze daaraan en gaan ze aan het proeven.

Op die manier leren ze naast de moedermelk ook vast voedsel eten. Na 28 dagen kunnen de biggen zelfstandig brokken eten en gaan de biggen naar een stal met leeftijdsgenoten.

Staat van de gebouwen

Het onderhoud van de gebouwen en inventaris gebeurt allemaal in eigen beheer.
Veel zorg wordt  besteed aan het netjes houden van tuin en erf.
Dit geeft wat afwisseling, af en toe buitenwerkzaamheden.
In de werkplaats vinden de meeste reparaties plaats.
De voorbereiding van de grotere onderhoudswerkzaamheden vinden hier ook plaats.

Teamoverleg

Van elk team overleg wordt een verslag gemaakt.
De vastgestelde verbeterpunten worden regelmatig geevalueerd.
Het goed bijhouden van alle andere administratie vormt een heel belangrijk
onderdeel van de bedrijfsvoering! Al met al gaat hier flink wat tijd inzitten.
Een belangrijke spil in het bedrijf.

Groepjes bezoekers mogen na de rondleiding een onvergetelijk moment beleven.

Het team in 2007

Ruim 34 jaar samengewerkt op verschillende manieren

Historie bedrijf en omgeving (bron Jan van de Veen)

Albert Jan Breukelman (uit Heemse) kocht eind twintiger jaren van de vorige eeuw ca. 10 hectare grond en bouwde er een nieuw boerderij op.
De grond hoefde niet te worden ontgonnen, het werd door goed beheer min of meer vanzelf grasland.

Begin jaren vijftig verkocht hij het bedrijf vanwege emigratie naar Canada aan Jan Harm Prenger. Deze boerde er enige jaren met zijn vrouw en gezin.
Zoon Jannes Prenger nam het bedrijf vervolgens over en bouwde er ook een varkensstal bij.
Rond 1960 wordt er een houten huisje naast gebouwd. Hier gaat Prenger senior wonen.
Rond 1972 verkoopt Prenger de boerderij met varkensstal aan de familie Andela.
Jannes Prenger gaat dan in het houten huisje wonen, waar eerst zijn ouders hebben gewoond.
In 1989 verkoopt Prenger het huis aan de familie D. Wermink. Deze maken er in verschillende stappen een moderne woning van.
Begin jaren negentig verkoopt de familie Andela het bedrijf aan de familie J. Ballast.
Deze verkoopt het enkele jaren later aan Wim van der Heide.
Nadat Wim van der Heide 30 jaar lang met Dick Wermink op verschillende manieren heeft samengewerkt, de laatste jaren ook met Martha, hebben ze het bedrijf “Vof varkensvermeerderingsbedrijf” An de Leiding genaamd, in 2012 geheel overgenomen.
Enkele jaren later wordt van hieruit gestart  met het opfokken van gelten (moedervarkens) op een locatie in Lemele.

De leiding

In 1995 is ervoor gekozen om het bedrijf “An de Leiding” te noemen. Dit omdat het varkensvermeerderingsbedrijf  hieraan is gevestigd. De Leiding, een brede wetering is rond 1930 gegraven en nadien enkele keren verbreed om de waterhuishouding voor de landbouw te verbeteren. De laatste verbreding vond plaats rond 1993. Eerst was het plan om er een singel langs te planten, maar na inspraak van de boeren in de omgeving is ervoor gekozen om  een plasberm aan te leggen. Dit voor het faciliteren van de biodiversiteit in plantengroei en voor migratie van amfibien en reptielen .